Stormvloed van 1916

Op 13 en 14 januari 1916 voltrok er zich in Nederland een watersnood rond de Zuiderzee. Een stormvloed viel samen met een hoge afvoer op de rivieren. Als gevolg braken op tientallen plaatsen de dijken en was daarnaast op veel plaatsen sprake van schade aan binnenbeloop en bekleding van de dijken. In de provincie Noord-Holland vielen 19 doden, terwijl er bij diverse scheepsrampen op zee nog eens 32 mensen omkwamen. Koningin Wilhelmina bezocht de getroffen gebieden.

1916 kaart overstroming

Kaart Noord-Holland overstroomde gebied 1916

In Noord-Holland
Hier stond het water langs de Zuiderzee vóór de ramp door aanhoudende noordwesten wind al extreem hoog. Dagenlange regen had bovendien de slecht onderhouden dijken verslapt. Er ontstonden hier en daar al kleine overstromingen. Noordwaarts ruimende wind joeg in de ochtend van 14 februari 1916 het water over de Waterlandse Zeedijk, die bij Katwoude en Uitdam brak en over een lengte van 1,5 kilometer werd weggeslagen. Ook bij Edam brak een dijk door. Het hele gebied rond Edam, Purmerend, Broek in Waterland, Durgerdam tot het IJ bij Amsterdam stond volledig blank. Bij de Anna Paulownapolder braken de dijken eveneens door.

Het dieptepunt werd bereikt in de nacht van 22 op 23 februari met een noordooster sneeuwstorm. Het eiland Marken met zijn lage kades liep onder water. Hier vielen 16 dodelijke slachtoffers. Verscheidene vissersschepen werden op de wal gegooid en een aan aantal eilandbewoners kon niet meer vluchten.

Buiten Noord-Holland
Ook hier ondervond men ook wateroverlast. In Friesland braken dijken door in de buurt van het Tjeukemeer en de omgeving rond Wolvega stond onder water. In Noord-Brabant liep de Biesbosch grotendeels onder. Tevens vond een doorbraak plaats bij Lage Zwaluwe waardoor een polder onder kwam te staan. Ook het benedengedeelte van de Gelderse Vallei werd getroffen. Met name in de streek tussen Eemnes, Spakenburg en Bunschoten. Ook Amersfoort stond blank.

De ramp veroorzaakte daarnaast vooral materiële schade. De betekenis van deze ramp ligt niet alleen in het aantal slachtoffers en de materiele schade, maar vooral in het feit dat door deze ramp de besluitvorming over de afsluiting van de Zuiderzee versneld werd genomen.

1916 overstroming

Bron: beeldbank.rws.nl, van Ooijen

Afsluiting van de Zuiderzee
Het plan tot afsluiting van de Zuiderzee en inpoldering van de zee was afkomstig van Ir. C. Lely. Op aandringen van Lely, die een aantal keren Minister van Waterstaat was, deelde koningin Wilhelmina in de troonrede van 1913 mee dat de tijd gekomen was om de afsluiting en droogmaking van de Zuiderzee aan te pakken. De Eerste Wereldoorlog gooide echter roet in het eten. Maar op 13 juni 1918 werd het wetsontwerp aangenomen om de Zuiderzee droog te maken. De dijkversterkingen die naar aanleiding van de ramp werden uitgevoerd, waren in 1926 voltooid. In 1932 volgde de Afsluitdijk.

Honderd jaar droge voeten
Honderd jaar later herdenken we de watersnoodramp en vieren we dat we nog steeds droge voeten hebben. Diverse bedrijven, instellingen en gemeentes organiseren verschillende activiteiten om deze ramp te herdenken. Uitgebreide informatie hierover kunt u oa. vinden op www.waterkustland.nl
 
 
Bron: www.bibliotheek.nl
 
lijn