Openbaar vervoer in Amsterdam-Noord – Bussen

De eerste bussen die in Amsterdam-Noord ingezet werden: Latil-Pennock op massieve banden en hoog op de poten om de pont op te kunnen rijden. – Bron: Beeldbank Amsterdam


 
De eerste bewoners van Noord waren aangewezen op eigen vervoer, fiets of lopend, teneinde de pont naar de stad te bereiken. Voor de voetgangers was er dan een kringlijn rond het CS om de beginhal- tes van de trams te bereiken. De annexatie in 1921 van grote delen van buurgemeenten rond Amsterdam-Noord heeft voor het open- baar vervoer grote gevolgen gehad. Het scheen ondoenlijk om een tramnet uit te leggen in Noord, al was het alleen maar vanwege het dwangmatige denken van de GTA dat zulk vervoer in de stad diende te beginnen en met de pont overgezet moest worden. Een tram op de pont was door het gewicht uitgesloten. Op 31 augustus 1924 besloot B&W om 9 autobussen te bestellen voor vervoer daar. Dat werden chassis van het Franse Latil met een carrosserie van het Haagse Pennock. Daarbij kwamen nog 3 chassis van eveneens Latil met een opbouw door Geesink. Beide typen hadden gemeen dat zij hoog op de wielen stonden om bij elke waterstand de kleppen van de pont konden ‘nemen’. Het was onderzocht dat de bestaande bussen van de GTA, die al sinds 1908 reden, dat niet konden.
 

Een hele verbetering betekenden de Brockway-bussen. – Bron: Beeldbank Amsterdam


 
Op 15 oktober 1924 verscheen lijn C op de route Meeuwenlaan-Valkenwegpont-Beurs- plein, gevolgd door lijn B die op 20 november 1924 in dienst kwam op de route Mosplein-Buiksloterwegpont-Beursplein. Lijn L kwam in dienst op de route Kamperfoelieweg-Valkenwegpont-Beursplein. In het noordelijk stadsdeel verscheen ook een lijn M die landelijk Noord bediende en niet vanuit de stad kwam maar in Noord bleef. Op 15 januari 1931 besloot de GTA de buslijnen voor Noord in te korten tot het Stationsplein, waar overgestapt kon worden op trams. In 1932 werden ze ook van daar verdreven en kregen hun beginhal- tes op de Buitksloterweg, vlakbij de pontsteiger.
 

Kromhout-Verheul-bussen in 1953. Voor de wachtenden verschenen abri’s. – Bron: Beeldbank Amsterdam


 
Lijn B met het nieuwe Latil/Pennock-materieel kwam op 20 novem- ber 1924 in dienst op het trajekt: Mosplein – Van der Pekstraat – Buiksloterpont – Westelijk Viaduct – Westelijke Toegangsbrug – Prins Hendrikkade – Damrak – Beursplein. Deze lijn is verlengd tot Tuin- dorp Oostzaan, toen daar de eerste bewoners kwamen wonen.

In 1925-1926 werden de massieve voorbanden vervangen door luchtbanden. Om technische redenen kon dat niet ook op de achter- wielen. In 1928 werd het Latil-materieel vervangen door 1926-er Amerikaanse Brockway-bussen met een Allan-carrosserie, die tot de oorlog dienst deden. Na de oorlog kwamen grote series Krom- hout/Verheul in dienst die pas in 1961-1964 vervangen werden.
 

Bus L, een Brockway met dubbele achteras op de Buiksloterweg in 1934. – Bron: Beeldbank Amsterdam


 
Lijnen
B. Tuindorp Oostzaan (Papaverweg)-Beursplein
C. Meeuwenlaan-Beursplein
L. Kamperfoelieweg-Beursplein
M. Nieuwendam-Durgerdam/Zunderdorp/Ransdorp

In 1931 kwam er een eind aan het eerder vermelde dwangmatige denken dat alle vervoer vanuit het stadshart diende te vertrekken. Men weerde nu zoveel mogelijk het openbare vervoer uit het cen- trum en het gevolg was dat de lijnen B, C en L van het Beursplein naar het Stationsplein gedirigeerd werden. Ook daar hielden ze het niet lang vol en in 1932 kregen deze lijnen hun vertrekpunt achter de respectievelijke ponten.
Tijdens de oorlog kwam het openbaar vervoer in de hele stad stil te liggen en vooral de bussen werden door de bezetter gevorderd. Wat bij de bevrijding in Amsterdam achterbleef was defect. Wat nog wel rolde moest soms uit het buitenland opgehaald worden. Per 1 januari 1951 werd het busnet geacht definitief te zijn hersteld van de gevolgen van de oorlog. Het net bestond toen uit de volgende lijnen:
A. Floraweg-Buiksloterweg (voor de oorlog lijn L)
B. Meteorenweg-Buiksloterweg
C. Purmerplein-Buiksloterweg

In 1966-1967 kregen de letter-lijnen in Noord lijnnummers. A (vh.L) werd 34, B werd 35 en C werd 32. Pas in 1968 hadden alle lijnen nummers.

Voor een overzicht van al het busmaterieel van de GTA/GVB: http://www.theobakker.net/WagenparkGTA-Gvba.xls
 

De eerste nummerlijn in Noord: bus 35 in 1967. – Foto: Amsterdamsetrams.nl


 
 
Dit artikel is uit het boek (in pdf formaat) “Volewijckslanden”. Dit boek is geschreven door Wim Huissen en uitgegeven in 2014 door Theo Bakker.

Op de website van Theo Bakker kunt u heel veel boeken in pdf formaat vinden dat over de geschiedenis van Amsterdam gaat.
 
 
Bron: www.theobakker.net
 
 

X