Volgermeerpolder

Op de website van Oneindig Noord-Holland staat een interessant artikel over het Vogelmeer polder. Het artikel is geschreven door Jephta Dullaart en is gepubliceerd op 1 februari 2011. Wat nu volgt is een citaat uit dat artikel.

Een polder vlak onder Broek in Waterland, op de grens met Amsterdam-Noord, werd begin jaren tachtig nationaal nieuws. De voormalige veenpolder bleek ’s lands grootste gifbelt te zijn. Na jarenlange voorbereiding begon de gemeente Amsterdam in 2003 met de bodemsanering. In het voorjaar van 2011 is dit gebied weer ‘geopend’. De smerigste plek in Nederland is getransformeerd tot het nieuwe ecologische hart van Waterland.

Geen polder
Hoewel de naam anders doet vermoeden, is het gebied geen drooggemaakte plas of meer, maar was het een ‘normaal’ veenweidegebied dat ontstond door ontginning en ontwatering van het oorspronkelijke Waterlandse hoogveen. Aanvankelijk werd deze plek “volgerweren” genoemd. Echter, in 1853 wordt op een officiële kaart het zelfde gebied foutief aangeduid met “Volgermeerpolder” en vanaf die tijd staat het als zodanig bekend.

Veenontginning
Door de gunstige ligging dichtbij de stad Amsterdam, was het veengebied zeer aantrekkelijk voor turfwinning. Turf was in die tijd de belangrijkste beschikbare huisbrandstof, met name voor kachels en ovens. In het begin van de twintigste eeuw begon men met turfwinning in de Volgermeerpolder. Door deze omvangrijke turfafgraving veranderde de polder in een waterplas gevuld met dunne strookjes land. Tot in de jaren vijftig werd in dit gebied nog veen afgegraven.

Vuilnisstortplaats
Eind jaren twintig kreeg het gebied een dubbelfunctie, want de waterplassen- de zogenaamde petgaten – werden opgevuld met huisvuil uit Amsterdam. Vanaf de jaren vijftig worden meer voormalige veenderijen in Waterland hergebruikt als vuilstortplaatsen, zoals in het Ilperveld. De Volgermeerpolder is echter verruit de grootste met 100 hectare. Dit is te vergelijken met de binnenstad van Amsterdam!

Gifbel
In de jaren zestig wordt de vuilnisstortplaats niet alleen gebruikt voor Amsterdams huisvuil, maar ook voor de stort van chemisch afval. Tussen 1960 en 1969 worden er zo’n 10.000 vaten chemisch afval gedumpt, afkomstig van de fabricage van bestrijdingsmiddelen, onder meer van producent Philips Duphar. Ondanks dat men zowel bij de verschillende fabrikanten als de gemeente op de hoogte was van de schadelijke gevolgen voor mens en dier van restafval van de chemische industrie, kraait er geen haan naar. Bijna tien jaar lang rijden dagelijks ‘giftransporten’ naar de stort onder de rook van Broek in Waterland.

Gif affaire
Pas na het verschijnen van enkele alarmerende berichten in de krant over de vondst van zwaar verontreinigd chemisch afval, komt de gemeente Amsterdam in actie. Al snel blijkt dat het om maar liefst tweeduizend ton aan giftige chemicaliën gaat, verspreid over 100 hectare. De vaten waarin het chemisch afval is opgeborgen, zijn in de loop der jaren gaan lekken. De bodem en het grondwater van de Volgermeerpolder is hierdoor ernstig verontreinigd met kankerverwekkende stoffen. De Volgermeerpolder krijgt de discutabele reputatie van grootste vervuilde terrein van Nederland. De zaak groeit uit tot de omvangrijkste gif affaire die ons land ooit gekend heeft.

Eerste fase zogenaamde uitlepelplan in Vogelmeer polder. – Foto: Marcel Antonisse, Anefo

Bodemsanering
De vuilnisstortplaats wordt pas in 1981 gesloten, na veel politiek touwtrekkerij. In de jaren die volgen worden verschillende saneringsplannen onderzocht. Daarnaast lopen er jarenlange juridische procedures over de aansprakelijkheid van de kosten die uiteindelijk zo’n 100 miljoen euro zullen bedragen. Doordat geen van de voormalige chemische fabrikanten aansprakelijk gesteld kan worden, komen de kosten op het bordje van het Rijk en de gemeente Amsterdam terecht. In 1999 besluit de gemeente het terrein te saneren volgens de ‘Ecovariant’. Dit houdt in dat het terrein van de Volgermeerpolder wordt afgedekt met een isolerende waterremmende folielaag om contact met de gifstoffen in de bodem uit te sluiten. Daar bovenop komt een schone laag grond.

Levend hoogveen
In 2003 is men begonnen met de feitelijke sanering van de polder. Deze werkzaamheden gaan hand in hand met de toekomstige landschap- en natuurontwikkeling die men vanaf het begin van het proces voor ogen heeft gehad, namelijk dat van ‘Levend hoogveen’. Dit is de optimale invulling van een nat natuurgebied op een ondoorlatende folie. Het schone regenwater wordt vastgehouden en vormt een basis voor voedselarme, dus soortenrijke natuur. Op termijn ontstaat hiermee een unieke nieuwe natuurkern in Waterland. Dit sluit bovendien aan bij oorspronkelijke staat van het gebied, namelijk hoogveen.

Hollandse sawa’s
Over het hele terrein wordt een ‘natte leeflaag’ aangebracht. Door een netwerk van kades en dijkjes wordt op het golvende terrein maximaal regenwater opgevangen en vastgehouden. Hierdoor ontstaan zogenaamde sawa’s, vergelijkbaar met de natte rijstveldjes in Azië. Deze zullen geleidelijk gaan dichtgroeien, eerst met riet, later met veenmos. Zo is sprake van een omgekeerd proces: het gebied wordt niet ‘ingepolderd’, maar zal juist weer tot veenmoeras ontwikkeld worden.

Volgermeerpolder – Bron: Simply Amsterdam

Uniek recreatiegebied
De voormalige gifbelt wordt op deze manier een natuurgebied waarin het landschap in de loop der tijd zal veranderen. De eerste jaren zal het vooral uit watervlakken bestaan, die op den duur steeds meer begroeid raken met veenvegetatie. Het zal er dus steeds ‘groener’ uit komen te zien. Dit levende hoogveen past goed bij de eeuwenoude dynamiek van Waterland: water wordt land en land wordt weer water, dat vervolgens weer verlandt. In april 2011 is het gebied na meer dan een halve eeuw weer openbaar toegankelijk. Waterland is een uniek natuur- en recreatiegebied rijker.

Meer lezen
Over de Volgermeerpolder is een boek en website verschenen. Op de website van de Dienst Milieu en Bouwtoezicht van de gemeente Amsterdam kan men ook informatie terugvinden over het project.
 
 
Bron: Oneindig Noord-Holland
 
 

X